[<] [v] [>]
Vreemdelingenwet 2000
Afdeling 4. De verblijfsvergunning asiel
Artikel 28
- 1
- Onze Minister is bevoegd:
- a.
- de aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning voor bepaalde tijd in te willigen, af te wijzen dan wel niet in behandeling te nemen;
- b.
- de aanvraag tot het verlengen van de geldigheidsduur ervan in te willigen, af te wijzen dan wel niet in behandeling te nemen;
- c.
- een verblijfsvergunning voor bepaalde tijd in te trekken.
- 2
- De verblijfsvergunning voor bepaalde tijd wordt verleend voor ten hoogste 5 achtereenvolgende jaren. Bij algemene maatregel van bestuur kunnen de gevallen worden aangewezen waarin de verblijfsvergunning voor minder dan 5 achtereenvolgende jaren wordt verleend. Daarbij kunnen regels worden gesteld over de geldigheidsduur van de verblijfsvergunning en over de verlenging ervan.